Financieel management

Integrale kostprijs (IKP)

De Integrale kostprijs methode is een eenvoudige manier om de kostprijs van een product te berekenen. Integraal betekent dat zowel de vaste als variabele kosten in de kostprijsberekening worden meegenomen. Zo krijg je een realistisch beeld van de daadwerkelijke kosten van een product, zodat je later ook de winstmarge per product kunt bepalen en berekenen.

Voor het berekenen van de integrale kostprijs (IKP) heb je de totale vaste kosten nodig, de normale productie en de variabele kosten per product. Als je alleen de totale variabele kosten kent dan heb je ook de werkelijke productie nodig.

Kostprijs begrippen

  • Vaste kosten of constante kosten zijn periodekosten die niet veranderen bij een verandering in productie of verkoop. Hierbij kun je denken aan de huur van het kantoor, salariskosten van het management en kosten voor een lease auto.
  • Variabele kosten veranderen mee met de productie van product of dienst. Dus neemt productie/verkoop toe dan nemen deze kosten ook toe. Denk aan grondstof.
  • Normale hoeveelheid: om de vaste kosten te kunnen spreiden over het aantal producten is er een basishoeveelheid nodig. Deze wordt afgeleid uit historische gegevens en toekomstige verwachtingen.
  • Werkelijke hoeveelheid: dit is de hoeveelheid die daadwerkelijk wordt geproduceerd.

Integrale kostprijs formule

Als je de integrale kostprijs wilt berekenen gebruik je de volgende formule als de variabele kosten per product bekend zijn:

Integrale kostprijs  = Totale vaste kosten / Normale hoeveelheid + Variabele kosten per product

IKP = C / N + V

Niet altijd zijn de variabele kosten per product al bekend en dan heb je ook de werkelijke producthoeveelheid nodig. Dan wordt de formule:

 

Integrale kostprijs  = Totale vaste kosten / Normale hoeveelheid + Variabele kosten per product / Werkelijke hoeveelheid

IKP = C / N + V / W

 

Integrale kostprijs berekenen

Stel nu dat je bedrijf gespecialiseerd is in de productie van een luxe pen. De totale vaste kosten zijn 10.000 euro. De normale hoeveelheid is 2.000 stuks. Dan zijn de vaste kosten per product 5 euro:

Vaste kosten product = C / N = 10.000 / 2.000 = 5 euro

Verder is bekend dat de variabele kosten van het product 3 euro zijn. In dit geval wordt de integrale kostprijs:

IKP = C / N + V 

IKP = 10.000 / 2.000 + 3 = 8 euro

Kostprijs in context

Volgens Henry Ford draait zakelijk succes om het maken van producten van goede kwaliteit tegen een zo’n laag mogelijke prijs. Des te meer je er maakt, des te lager de kostprijs wordt. Je kunt dan op grotere schaal produceren waardoor de variabele kosten per product dalen. Daarnaast kun je de vaste kosten spreiden over meer producten. Na ruim 100 jaar is dit recept nog steeds niet verouderd. Producten en diensten aanbieden tegen een lagere prijs is nog steeds de makkelijkste manier om een sterke marktpositie op te bouwen. Denk hierbij aan IKEA, Action, Lidl en Dell.

Oefening

Ronald gaat design fietsen maken en verkopen. Hij berekent eerst de integrale kostprijs. Daarvoor heeft hij de volgende gegevens verzameld:

  • Voor de productie van fietsen least hij een machine die € 226.000 per jaar kost.
  • De variabele kosten per fiets bedragen € 72,50.
  • Hij gaat uit van een normale afzet van 8.000 stuks.

Wat is de integrale kostprijs?

 

Antwoord:

= 226.000/8.000 + 72,50 =  100,75 euro

Prijzen vaste lasten vergelijken

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *